zaterdag 25 januari 2014

Missa Criolla

Ada en ik fietsten om even over half 2 naar de Marelandschool, waar de tweede repetitiemiddag was voor de "Missa Criolla" van Ariel Ramirez. Om 2 uur begonnen we onder leiding van Wim de Ru met de rest van de 100 koorleden van de Leidse Koorprojecten met inzingen, waarna we de partituur ter hand namen.

We zongen het lastige stuk van het "Credo" door tot waar we gebleven waren bij de repetitie van 11 januari. Ritmisch is het een voor ons West-Europeanen bijzonder lastig stuk. Wij zingen in een 6/8e maat, terwijl de begeleiding in driekwartsmaat speelt. Op het eerste oog lijkt dat hetzelfde, maar als je moet zingen merk je, dat het toch wel verschilt van elkaar.
Daarnaast verschilden de koorleden regelmatig van mening met componist Ariel Ramirez over de toonhoogte, vooral bij de inzet. Wim de Ru wist het fraai te verwoorden: "Bassen, jullie verwachten logischerwijze deze toon."
Hij zette de toon haarzuiver neer, waarop hij liet volgen: "En daar moet je dan een toon onder zitten!"
Zo simpel kan het zijn....

Aan het eind van de repetitie zongen we het "Sanctus" voor de eerste keer. Voor de bassen en tenoren was het een lange zit. We kwamen pas aan het slot aan de beurt.

In het waterkoude weer fietsten we om kwart voor 4 op huis aan, waar we ons de komende weken weer kunnen verdiepen in de magnifieke "Missa Criolla".

vrijdag 24 januari 2014

De zelfzuchtige reus

Als je het weer van de afgelopen week in ogenschouw neemt, zou je niet zeggen, dat we in weerkundig opzicht een interessante week beleven. Hier in het westen van het land stond er iedere dag grauw weer met zeer veel regen op het programma.

Vanmorgen kreeg ik op weg naar mijn werk een flinke bui op mijn kop. Gelukkig had ik mijn regenbroek al aangetrokken, toen ik van huis vertrok.
Vanmiddag was het gelukkig droog en zag ik zelfs de zon nog even. Volgens mij deze werkweek eerste keer.
Ik fietste om 5 uur naar de Leidse IJshal, waar ik voor de IJVL schaatsles mocht geven aan kinderen. Er was weer een nieuw kind bij, die met een vriendin mee was. Zo zoetjesaan zijn we stiekemweg toch aan de 40 kinderen gekomen.
Samen met Walter Boon gaf ik de beginnersgroep les, waarbij Walter een oefening met de zijwaartse afzet had bedacht.
Middels een lange plastic stok hadden we een paar speelse elementen in de schaatsles ingebracht: de kinderen moesten onder de stok doorschaatsen, maar de stok werd door ons steeds lager gehouden. Op een gegeven moment doken de kinderen er onder door. Tot mijn stomme verbazing deed de fors gebouwde Alexander Marselis dat ook!
Met de hele beginnersgroep reden we "aan de stok" een rondje. De 7 kinderen hielden de stok vast en schaatsten. Ik gleed gewoon mee. Je verbaast je er dan over, hoeveel kracht deze kinderen gezamenlijk kunnen ontwikkelen. Met een paar tikspelletjes sloten we deze leuke les af.
Thuis gekomen keek ik op www.weerwoord.be en tot mijn stomme verbazing zien de weerkaarten er over een dag of 6 voor schaatsliefhebbers beslist niet kansloos uit.
Maar dan vooral voor het noordoosten van het land. Net zoals dat de afgelopen en vermoedelijk ook de komende paar dagen het geval is.

Kennelijk worden de Groningers op alle mogelijke manieren gecompenseerd voor de aardbevingen als gevolg van de gaswinning....

Wellicht kan er volgend weekeinde in Groningen op ondergelopen weilanden en ondiepe sloten geschaatst worden!

De temperatuurkaarten, en zeker die van gisteren, lieten zien dat slechts een klein deel van Nederland in de vorst zat.

Deze temperatuurkaart riep bij mij een sprookje van Oscar Wilde in herinnering: "De zelfzuchtige reus".

In dit sprookje is het in het hele land in de lente en de zomer warm, behalve in de tuin van de reus, waar de winter het hele jaar aan blijft houden. Deze winterse uithoek bij Nieuw-Beerta past dus goed bij het verhaal van "De zelfzuchtige reus". Terwijl wij nog volop in de verlengde herfst zitten, hebben zij al lekker winter!

Zij wel!
"De zelfzuchtige reus" komt uit de magnifieke sprookjesbundel "De gelukkige prins" van Oscar Wilde.

Ook al is het weer in het westen van Nederland niet bepaald sprookjesachtig te noemen is, het lezen van de verhalenbundel "De gelukkige prins" van Wilde kan ik iedereen van harte aanbevelen.

zondag 19 januari 2014

Man bijt hond

Vrijwel iedere Nederlander kent het televisieprogramma "Man bijt hond", waarin veel kleurrijke Nederlanders figureren.

Ik werd hiermee geconfronteerd, toen ik gisterenavond bij de Leidse IJshal aankwam, waar ik als trainer in moest vallen bij het G-schaatsen. Ik kwam aangefietst op het moment, dat Edwin Minnee en Dick van Beelen net de kunstijsbaan uitkwamen, waar zij net met IJsclub "Voorwaarts" getraind hadden.
De Katwijkse kapper vertelde, dat hij was gebeld door het programma "Man bijt hond". Met het oog op de Olympische Spelen in Sotsji zochten ze voor het programma een homoseksuele schaatser.

Ze hadden gezocht op het trefwoord "Homoschaatsen" en zo kwamen ze via Google onvermijdelijk op mijn blog terecht. Probeer het maar eens uit!

Kappers hebben nu eenmaal de naam, dat ze homo zijn, dus de programmamakers dachten via mijn blog bij de juiste persoon aangekomen te zijn.
Helaas voor hen: Edwin Minnee is vader van 4 kinderen.
Op de Vogelplas introduceerde hij zelf de term "homoschaatsen" voor zijn kluunschaatsen.

Met het oog op het hoge percentage homoseksuelen in zijn beroepsgroep noemde hij het ironisch homoschaatsen.
Met mijn eigen ogen heb ik trouwens gezien, dat Edwin allerminst een mietje is: bij het schaatsen op de Ankeveense plassen ging hij samen met Hans van der Plas synchroonzwemmen.
Schaterlachend om dit verhaal, dat prima pas bij "Man bijt hond" en dat je zelf niet kunt verzinnen, betrad deze trainer de Leidse IJshal....

zaterdag 18 januari 2014

Margriet

Eén van de taken op mijn werk is om de tijdschriften, die terugkomen van een uitlening, onder de klep te leggen, waarop het nieuwste nummer van het desbetreffende tijdschrift pontificaal staat uitgestald. Op het voorblad van zo'n tijdschrift staan met grote koppen artikelen aangekondigd, die je MOET lezen.
Deze week zag ik zodoende telkens Margriet 3 staan.

Zodra ik deze kop zag, was ik verkocht: "De 4 allermooiste schaatsroutes in NL".
Donderdagavond in mijn eetpauze las ik het artikel. Het kwartet schaatsroutes kon mijn goedkeuring wel wegdragen: de Ankeveense plassen, de Molentocht van de Alblasserwaard, de Wieden en de Eilandspoldertocht.
Van dit uitverkoren viertal ken ik er 3. Alleen de Eilandspoldertocht heb ik nog nooit geschaatst. Wel heb ik een paar keer in dit gebied rondom het schitterende plaatsje Graft-de Rijp en Schermerhorn gefietst.

Ik zal deze tip van Margriet in gedachten houden als er weer eens natuurijs in Nederland is.
Het andere trio is mij bekend en zeker voor herhaling vatbaar. Op de Ankeveense plassen heb ik diverse keren gereden. Het is één van de plekken in het Groene Hart van de Randstad, waar je vrij snel kunt schaatsen.

Gelukkig voor sommige vroege vogels is het daar niet al te diep.
De Molentocht van de Alblasserwaard heb ik 1 keer geschaatst. Een mooie tocht. Vooral het stuk bij de molens van Kinderdijk is sprookjesachtig.

De benaming sprookjesachtig gaat ook zonder meer op voor de Wieden. Hier heb ik een paar keer heerlijk geschaatst tussen de rietkragen en door prachtige plaatsjes als Giethoorn en Blokzijl.

Eigenzinnig als ik ben, wil ik er nog 2 prachtige toertochten aan toevoegen. Allereerst de Nieuwkoopse plassen.

Een prachtig gebied, waar je de hele dag heerlijk rond kunt zwerven tussen de ruisende rietkragen.
De slottip betreft de Molen- en Merentocht rondom de Kaag. Een prachtig gebied, zeer afwisselend. Helaas is de laatste officiële Molentocht alweer 17 jaar geleden georganiseerd: net zo lang geleden als de laatste Elfstedentocht.
Maar gelukkig hebben we de laatste jaren diverse keren kunnen schaatsen op onze "thuisbaan".
Maar wat had u anders verwacht van de schrijver van "Molen- en Merentocht"?

donderdag 16 januari 2014

Frontenkerkhof

De term kende ik niet, maar op een van de weersites, waarop ik in de wintermaanden regelmatig een blik werp, kwam ik hem tegen: frontenkerkhof.
Een hogedrukgebied ligt met zijn kern ten noordoosten gepositioneerd in Scandinavië. Sneeuw en kou vinden we vooral aan de oostflank van dit systeem terug. Tegelijkertijd is het aan de westflank van het hogedrukgebied een komen en gaan van oceaanstoringen, maar deze worden door het hoog allemaal op afstand gehouden en lopen zich letterlijk stuk op het hogedrukgebied. In de meteorologie is hier een speciale naam voor: een zogenaamd frontenkerkhof!
Vandaag en gisteren hadden we te maken met dit fenomeen. Het resultaat: zeer langdurige regen. Vanaf de Atlantische Oceaan was het een komen van depressies. Normaal is het een komen en gaan, maar doordat het hogedrukgebied op niet al te grote afstand in de weg ligt, lozen de depressies hun lading goeddeels boven onze hoofden.

Vandaag kreeg ik volop te maken met dit fenomeen. Voor mijn werk moest ik naar Hoofddorp voor de Kenniscirkel Collectievorming. Vanmorgen viel het nog wel mee. In een miezerregen vertrok ik om 8 uur op de fiets naar Oegstgeest, waar het droog werd, om langs de A44 naar Nieuw-Vennep te rijden. Ter hoogte van de Sikkensfabrieken bleek de tunnel onder de drukke weg eindelijk klaar te zijn. Bij dit kruispunt moest je altijd heel lang wachten als fietser. Dat is nu gelukkig verleden tijd.
Bij het binnenrijden van mijn geboorteplaats begon het te regenen: had ik mijn regenbroek toch niet voor niets aangetrokken!
Om half 10 begonnen we aan het ochtendprogramma met de routecollecties, waarbij een collega van Groene Venen vertelde over haar ervaringen. Zeer leerzaam hoe je in deze tijden van bezuinigingen en kleinere collecties je klanten toch regelmatig nieuwe titels voor kunt toveren door wekelijks een klein deel van de collectie te laten rouleren.

Een collega van Bibliotheek Oostland deelde ons in haar ervaringen met MediaEurope, een Vlaamse concurrent van de NBD. Vooral op het gebied van snelle levering van actuele titels is de NBD een stuk trager! Het bekende gegeven: een monopoliepositie maakt gemakzuchtig.
Na de pauze discussieerden we in kleine groepen over een aantal stellingen rond actualiteit en diepgang van titels. Wie denkt, dat wij wel even het ei van Columbus zouden vinden, moet ik teleurstellen.
Om half 1 zat de Kenniscirkel er op en hoefde ik mij niet af te vragen, of ik mijn regenbroek aan moest trekken: het regende flink. Met de wind tegen fietste ik naar Nieuw-Vennep, waar ik bij mijn broer Leo en mijn schoonzus op bezoek ging. Terwijl ik daar brood at, kwam de regen met bakken uit de hemel.
Toen ik weer op Leiden aan fietste, regende het de hele weg gestadig door. Als ultieme vorm van zelfkastijding fietste ik de Hoofdweg helemaal af, zodat ik langs de Kagerplassen reed in deze horrorwinter.

Want hoewel ik nooit in deze charlatan heb geloofd, die dit soort berichten uit zijn dikke duim heeft gezogen en daar nog zeer veel aandacht in de media voor kreeg ook, is deze winter voor schaatsers tot nu toe een regelrechte horrorwinter.

Want er verschijnen wel wat hoopvolle weerkaarten, maar dat zijn toch slechts enkele oplossingen van tientallen computersimulaties.


Na in totaal 56 km te hebben gefietst was ik weer thuis. Het weer was totaal verschillend in vergelijking met een jaar terug, toen ik door de sneeuw mocht ploegen.
De regen kwam nog steeds naar beneden bij thuiskomst, maar in de verte zag ik de zon de flats in Den Haag in het zonlicht zetten. Noem het het zuiderlucht.
En dat is heel wat anders dan het noorderlicht....

Bron foto: weersite van Jan Visser.

woensdag 15 januari 2014

Dinsdag en donderdag

Bij de vaststelling van de nieuwe roosters op ons werk werd er ter geruststelling bij gezegd: "Het is niet in beton gegoten."
Voor mezelf had het een flinke verandering in mijn levenspatroon: na ruim 33 jaar altijd op donderdagavond gewerkt te hebben, kreeg ik, om een collega te helpen, de dinsdagavond toegewezen.

En dat was nog de grootste verandering. Vanaf het moment, dat ik in Leiden ben komen wonen, was de dinsdagavond mijn vaste schaatsavond in de Leidse IJshal. Aan deze reeks kwam na iets meer dan 34 jaar een einde.

Maar zie, het leven loopt vaak anders, dan je je voorstelt. Vorige week sprak ik een andere collega, die in het nieuwe rooster de dinsdagmiddag en de donderdagavond had gekregen. Zij gaf aan, dat ze graag de dinsdagavond zou willen werken.
Een paar dagen later was haar wens vervuld. De hoofden gingen akkoord met deze ruil. Vandaag diende ik het nieuwe rooster in bij onze directrice, die het in de administratie zou laten verwerken.
Veel sneller, dan ik ooit voor mogelijk had gehouden, heb ik de dinsdagavond als schaatsavond weer terug.

De dinsdagmorgen schaats ik sowieso met de "Krasse knarren" , dus de dinsdagavond wordt een extra trainingsmogelijkheid. Wie had dat ooit kunnen bedenken: twee keer kunnen trainen op één dag!

De meest onnavolgbare voetballer van Nederland wist het al: "Elk nadeel heb zijn voordeel!"
Hopelijk begin ik nu aan een nieuwe reeks van ruim 34 jaar schaatsen op dinsdagavond in de Leidse IJshal....

zondag 12 januari 2014

"De Hobbit" en "Soof"

Het had wat voeten in de aarde, voordat de afspraak gemaakt was om naar het tweede deel van "De Hobbit" te gaan met een groep van 11 personen. Vorig jaar hadden we in een bioscoop in Hoofddorp het eerste deel bekeken.

Daar niet iedereen van het eerste deel gecharmeerd was, werd gezocht naar een alternatief voor met name de dames. De keuze viel op "Soof".

Deze film is gebaseerd op de boeken van Sylvia Witteman.



Voordat de dames konden gaan genieten van de culinaire capriolen van "Soof" hadden we in bioscoop "Cineworld" in Beverwijk een gezellig etentje.

We hadden een arrangement, waarbij voor je voor € 28,- een hoofdgerecht, een drankje en het bioscoopkaartje kreeg. Aan de tafel van 11 werd vooral zeebaars en hertenbiefstuk besteld. Ik kan u garanderen: hertenbiefstuk smaakt prima.
Om kwart over 9 zaten we met 7 personen in zaal 1, waar het spektakelstuk "The desolation of Smaug" werd afgedraaid.

We hebben met volle teugen genoten, net als de bezoekers van "Soof" trouwens.

Daar ik "In de ban van de Ring" van J.R.R. Tolkien nog steeds het mooiste boek vind, dat ik ooit heb gelezen, en dat zijn er in mijn leven aardig wat, was het kijken naar "De Hobbit", de voorloper ervan, een waar genoegen.
Het is maar goed, dat we van te voren al hadden geregeld, dat Joep Kapiteyn Ada en mij thuis zou brengen, want de laatste trein, die ons naar Leiden kon brengen, was al vertrokken, toen "De Hobbit" was afgelopen.

"Jullie krijgen steun van de bomba!"

Veel mensen zullen bedenkelijk kijken als zij te horen krijgen: "Jullie krijgen steun van de bomba!"
Wij niet. Denk nu niet, dat deze dienstweigeraar zich bekeerd heeft tot een of andere militaristische groepering, want dat is beslist niet het geval. De woorden zijn afkomstig van Wim de Ru, de dirigent van de Leidse Koorprojecten. De bomba is een Argentijnse trom.
Wij waren hier op voorbereid. In de partituur van de "Missa Criolla" van Ariel Ramirez stond de bomba keurig opgesomd bij de muziekinstrumenten.
Om half 2 fietsten Ada en ik naar de Marelandschool, waar de eerste repetitie om 2 uur zou beginnen. Met 100 andere zangers en zangeressen oefenden we voor de optredens op woensdag 2 april in de Petruskerk aan de Lammenschansweg in Leiden en op vrijdag 4 april in de Marktpleinkerk in Hoofddorp.
Na het inzingen begonnen we met het eerste nummer van de "Missa Criolla". Het "Kyrië" ging voor een eerste keer verbazingwekkend goed, ook al ging alles natuurlijk niet meteen vlekkeloos.

Het tweede stuk, wat we ter hand namen, was het "Credo". Wim legde ons uit, dat dit het lastigste nummer was. Niet eens zozeer door de toonhoogte, maar doordat driekwartsmaat en zesachtste ritme door elkaar heen liepen. Hierdoor kun je uit je ritme raken.

Ondanks dat we gewaarschuwd waren, gingen we toch een paar keer de mist in. En dan hadden we nu niet eens last van het ritme-instrument, dat ons in de war zou kunnen brengen: de bomba!

woensdag 8 januari 2014

Taco Veldstra

Gisterenmiddag werkte ik op de Hoofdbibliotheek in Katwijk in de uitlening. Ik hoorde een klant met een andere klant praten. Hij raadde de vrouwelijke klant aan om zijn boek te lenen.
Daar ze het boek niet meteen konden vinden, mengde ik me in het gesprek. De schrijver in kwestie bleek Taco Veldstra te zijn, het betreffende boek "Verzeker je tegen doodlachen".

Als goed bibliothecaris had ik het in mum van tijd tevoorschijn getoverd.
Naast dit boek schreef hij ook "Liefdevol".

Ik raakte met Taco Veldstra aan de praat. Hij begon te vertellen over het uitgeven van boeken in eigen beheer.
"Ik heb ook een paar boeken uitgegeven in een soort eigen beheer", zei ik, en samen liepen we naar de display met boeken over wintersporten.

Via mijn boek "De Elfsteden toch gereden" kwamen we te praten over de Tocht der Tochten. Zelf had hij 3 Elfstedenkruisjes, die van 1985, 1986 en 1997, maar zijn vader schaatste het enorme aantal van 7 kruisjes bij elkaar. En dat niet alleen: Fedde Veldstra zou bij de barre editie van 1963 als 10e eindigen!
Taco zou zo ver niet komen. Als 17-jarige, officieel niet eens startgerechtigd, werd hij in Bolsward met zeer veel andere schaatsers van het ijs gehaald.
Nu ging het gerucht, dat degenen, die Harlingen zouden halen, het fel begeerde kleinood ook zouden krijgen. Dat leek de jonge Taco wel wat.
Een Friese boer zei heel nuchter: "Jongen, dat wordt geen kruisje. Dat wordt dan een houten kruis!"